| Johnny heeft al jarenlang een zanger willen zijn |
| Niet in z’n eentje maar in een vaste band |
| Platen maken zaaloptreden jongens wat een gein |
| Iedere avond spelen in een volle tent |
| Maar het lukte niet het sloeg niet aan |
| Met al z’n dromen van een baan |
| Ontmoette hij tenslotte broeder Leo |
| Die zei tot hem het is nu tijd |
| Om onbaatzuchtig door te gaan |
| Dat kan sinds kort pro deo voor de EO |
| Rinus was een dichter van het allereerste uur |
| Al wat hij zeggen wilde deed hij steeds op rijm |
| Maar met al zijn dichtwerk |
| Liep hij steeds weer op een muur |
| Van onbegrip en menselijk venijn |
| Het leven stond hem niet meer aan |
| Met al z’n dromen van de baan |
| Ontmoette hij tenslotte broeder Leo |
| Die zei tot hem het is nu tijd |
| Om onbaatzuchtig door te gaan |
| Dat kan sinds kort pro deo voor de EO |
| Pro deo voor de EO kom dicht en zing een lied |
| Pro deo voor de EO vergeet je broeder niet |
| Pro deo voor de EO de christelijke band |
| Pro deo voor de EO de heer is weer content |
| Waar komt al dat hemelse gejubel toch vandaan |
| Dat reeds te horen is tot diep in 't nacht’lijk uur |
| Johnny heeft z’n doel bereikt |
| En Rinus heeft een baan |
| Kastanjes halen uit het goddelijk vuur |
| Als jij ook eens verloren bent |
| Al ben je dan nog zo gewend |
| Te vloeken op een vent als broeder Leo |
| Zegt hij nog steeds het is nu tijd |
| Om onbaatzuchtig door te gaan |
| Dat kan sinds kort pro deo voor de EO |